Wat eten ze in Portugal?
In Portugal draait de dag op koffie en gebak: een licht ontbijt, halverwege de ochtend een pastel de nata, lunch om 13:00 die met soep begint en avondeten rond 20:00. Gezouten kabeljauw, bacalhau, is het nationale gerecht.



Typische gerechten en hun calorieën
Ontbijt
Het ontbijt is snel, vaak rond 8:00 in een pastelaria op weg naar het werk: een galão, koffie met melk in een hoog glas, met beboterde toast, torrada, of een tosta mista met ham en kaas. Rond 11:00 stoppen velen nog eens voor een bica, een kleine koffie, en een pastel de nata, zo'n 220 kcal per taartje.
Lunch
De lunch is tussen 13:00 en 14:00 en begint bijna altijd met soep, zoals caldo verde van aardappel, boerenkool en een plakje chouriço, zo'n 150 kcal per kom. Daarna komt vis of vlees met rijst of aardappels, en veel mensen eten het prato do dia, de dagschotel, in een klein restaurant in de buurt.
Avondeten
Het avondeten is rond 20:00 tot 21:00. Thuis is het vaak lichter: soep, brood, kaas, een salade en fruit. Op vrijdag en zaterdag reserveren mensen om 21:30 of 22:00 en eten ze gegrilde vis, kip piri piri of een kabeljauwgerecht zoals bacalhau à brás, geplukte kabeljauw met ei en dunne gebakken aardappeltjes, zo'n 550 kcal per bord.
Voorgerechten
In restaurants staat er meteen een couvert op tafel: brood, boter, olijven, soms kaas of een visspread. Je betaalt het alleen als je ervan eet, en je mag het terugsturen. Petiscos zijn kleine gerechtjes om te delen, net als tapas: pica pau, gebakken stukjes vlees, kokkels met knoflook en koriander, pastéis de bacalhau, gefrituurde kabeljauwkoekjes, en inktvissalade.
Toetjes
Veel Portugese zoetigheid is gemaakt van eidooiers en suiker, en veel ervan werd voor het eerst in kloosters gemaakt. Het bekendst is de pastel de nata, een custardtaartje dat warm met kaneel in elk café ligt, zo'n 220 kcal per stuk. Thuis maakt men arroz doce, rijstpudding met citroen en kaneel, en de bolo de arroz, een muffin van rijstmeel, is een vaste caféhap.
Drankjes
Koffie is een bica in Lissabon of een cimbalino in Porto, een espresso van zo'n 30 ml, die je meerdere keren per dag drinkt. Vinho verde uit de Minho is een jonge, lichte wijn, zo'n 110 kcal per glas, en port, een versterkte wijn uit de Dourovallei, komt vaak bij het dessert. In Lissabon drinkt men ginjinha, een likeur van zure kersen, uit kleine bekertjes aan straatbalies.
Straateten
De bifana is een dun varkenslapje gemarineerd in witte wijn en knoflook, in een zacht broodje, zo'n 450 kcal, vaak met een koud biertje. Porto heeft de francesinha, een tosti met vlees onder gesmolten kaas en een saus van bier en tomaat, al snel 1000 kcal. In juni worden tijdens de feesten van de volksheiligen op elke straat gegrilde sardines op brood verkocht.
Daar normaal, elders vreemd
Men zegt dat er 365 manieren zijn om bacalhau te bereiden, één voor elke dag van het jaar, en gekookte kabeljauw met aardappel, kool en ei is het diner op kerstavond, terwijl de meeste kabeljauw tegenwoordig geïmporteerd is. Dezelfde espresso heet bica in Lissabon en cimbalino in Porto. En soep komt voor de lunch, ook op een hete dag in augustus.